De impact van de coronacrisis op het economische weefsel is groot, niet alleen in Leuven. Ondernemingen en medewerkers moesten razendsnel schakelen om tegemoet te komen aan maatregelen zoals telewerk en extra hygiënemateriaal, en sommige ondernemingen kampen met financiële problemen. Stad Leuven helpt op alle mogelijke manieren om de bedrijvigheid in de stad weer aan te zwengelen, samen met de sectoren, onder meer door bedrijven en werkzoekenden vanuit verschillende hoeken te ondersteunen.

Aantrekkelijke stad voor bedrijven

Jongeren, studenten of andere Leuvenaars met ondernemingszin krijgen startersbegeleiding. “Of ze nu vragen hebben rond vergunningen, een pand zoeken of zicht willen krijgen op de Leuvense markt, ze kunnen met al hun vragen terecht in Studio Start. Voor wie graag start met circulair ondernemen, werken we samen met gespecialiseerde partners een traject uit”, zegt schepen van economie Lalynn Wadera. “En omdat uit de voorbije periode het belang van innovatief ondernemerschap duidelijk bleek, komt er een toekomstfonds voor starters die een baanbrekend product of dienst willen lanceren, of die willen experimenteren met een nieuw ondernemersmodel.”

Verder zet de stad in op de internationale positie van Leuven als aantrekkelijke en inspirerende stad voor ondernemers, creatieve en kenniswerkers. Samen met ons International House en met Leuven MindGate zorgt stad Leuven ervoor dat extern talent en investeerders mee hun schouders onder de Leuvense economie komen zetten. “Dat zorgt ervoor dat we werkgelegenheid voor iedereen creëren. We tonen dat we een stad zijn waar ondernemers elkaar inspireren, waar veel kennis en talent zit en waar ondernemers ook mee de stad maken.” Dat gebeurt deze week bijvoorbeeld heel concreet op het AND&-festival, waar Leuven de innovatieve kracht en het sterke netwerk van en rond ondernemers in de stad toont.

Om ondernemerschap en innovatie in Leuven verder te versterken, werkt de stad aan bijkomende ruimte, met onder meer een nieuw wetenschaps- en innovatiepark Leuven Noord in Kessel-Lo. Schepen van ruimtelijke ordening Carl Devlies:

“Zo garanderen we de welvaart en werkgelegenheid voor huidige en toekomstige generaties. De wetenschapsparken beantwoorden aan de broodnodige behoefte aan ruimte en groen. Zo werd het masterplan voor het Wetenschapspark Arenberg – thuisbasis voor vele hightech spin-offs en start-ups – zopas geactualiseerd. Vergroening, ontharding, een nieuwe fietsverbinding aan de Kapeldreef en een centraal park als toegangspoort tot de Voervallei en Egenhovenbos trekken het gebied open voor iedereen. Het Wetenschapspark Haasrode wordt dan weer het bedrijventerrein van de toekomst. Tot slot is er het toekomstige wetenschaps- en innovatiepark Leuven Noord, waar ondernemingsruimte voor kenniseconomie en een uitgekiende logistieke draaischijf worden afgewisseld met stedelijke functies voor omwonenden.”

Diverse en duurzame arbeidsmarkt
De nood aan flexibel schakelen, die door de coronacrisis versneld opkwam, stelde zowel werkzoekenden als ondernemingen voor een uitdaging die ook in de toekomst van tel blijft, voorspelt schepen van werk Johan Geleyns.

“We investeren in langdurige partnerprojecten om bedrijfsvoering, arbeidsorganisatie en werkgelegenheid toekomstbestendiger te maken. Dat betekent ook nog meer focussen op degenen die van sector willen veranderen en meer digitaal vaardig willen worden of nood hebben aan meer inclusie op de arbeidsmarkt.”

Zo sloot stad Leuven vorig jaar een samenwerkingsovereenkomst met VDAB af. Daarin staat levenslang leren centraal als uitgangspunt om de werkzoekende en de onderneming klaar te maken voor de snel veranderende arbeidsmarkt: “In de eerste plaats willen we individuele vaardigheden versterken en opleidingen nog meer toegankelijk maken, en ook echt die digitale kloof dichten, die nu nog te vaak zorgt voor een te hoge drempel bij werkzoekenden”, licht Johan Geleyns toe. “Ook daar laten we ondernemingen niet in de steek en ondersteunen we hen bij hun zoektocht naar passende profielen en nieuwe vormen van arbeidsorganisatie.”

Daarnaast ligt de focus van de stad op opleidingstrajecten en op heroriëntering naar knelpuntberoepen, zoals in de zorg en de IT, alsook op jobcreatie door bedrijven te stimuleren lokaal te produceren, zegt Johan Geleyns: “We zijn partner in een proeftuinproject van het Europees Sociaal Fonds (ESF) om mensen op te leiden tot zorgkundige tijdens hun tewerkstelling, en we voorzien een toelage aan maakbedrijven voor de ontwikkeling van nieuwe producten die lokaal geproduceerd kunnen worden, zodat zij lokale medewerkers kunnen inzetten en we onze arbeidsmarkt op een duurzame manier versterken. We zijn ook partner van het Vlaamse project ‘Alle Hens Aan Dek’, waarin we naast de digitale transformatie en een sterk opleidings- en loopbaanoffensief ook versterkt willen inzetten om elk talent op de arbeidsmarkt te krijgen. Tot slot willen we ook zo veel mogelijk mensen activeren die wel de juiste competenties hebben, maar tegengehouden worden door bijvoorbeeld een taaldrempel, zoals anderstalige nieuwkomers.”

Sociale economie
Voor de werkzoekenden die moeilijk in de reguliere economie terecht kunnen, blijft de stad de sociale economie ondersteunen. Dat gebeurt onder andere door een subsidiereglement om bepaalde tewerkstellingen te co-financieren of door sociaal duurzame overheidsopdrachten te lanceren, die voorbehouden worden aan de sociale economie of waarvoor de sociale economie ook kan kandideren. Daarnaast zoekt de stad de komende jaren naar een sterkere samenwerking met de reguliere economie. “De shift naar een circulaire economie schept daarvoor veel opportuniteiten. Mensen uit de sociale economie kunnen helpen met het sorteren en verwerken van gebruikte materialen. Zij hebben daar al veel ervaring mee. We starten zo bijvoorbeeld in de loop van dit jaar nog een project samen met Ecowerf om harde plastics te verwerken en om te zetten in nieuwe producttoepassingen. En wat die circulariteit betreft, staan we nog maar aan het begin. We zien hier nog veel kansen voor toekomstige samenwerking”, aldus Lalynn Wadera.